Waarom Nederland geen eigen ‘RBG’ heeft

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Op 18 september 2020 overleed Ruth Bader Ginsburg, de beroemde rechter van het Amerikaanse Hooggerechtshof. Ze had al sinds jaar en dag de bijnaam ‘Notorious R.B.G.’ en genoot een rockster-status in de VS. Petjes, shirts en mokken: er is een breed scala aan merchandise verkrijgbaar met daarop de afbeelding van RBG. In Nederland kennen de meeste mensen niet eens de namen van de rechters van onze Hoge Raad. Hoe komt dat?

Weinig kans dat je gemist hebt dat Ruth Bader Ginsburg is overleden eerder deze maand. In de media volgde het ene eerbetoon het andere, en ook mede-Mr. Studenten-ambassadeur José-Allan Kamal schreef al over haar. Als rechter in het Hooggerechtshof in de VS heeft ze baanbrekend werk verzet op het terrein van het aantonen en rechtzetten van seksediscriminatie. De media-aandacht voor het overlijden van Ginsburg is daarnaast erg groot omdat de vraag wie haar gaat vervangen een politiek spel is geworden tussen de aanhangers van president Trump en de Democraten.

Onbekendheid raadsheren Nederlandse Hoge Raad

Nederland heeft met de Hoge Raad een Nederlandse variant op het Amerikaanse Hooggerechtshof. Anders dan in de VS kent eigenlijk niemand de namen van de raadsheren in de Hoge Raad. Zelfs als je rechtenstudenten zou vragen om vijf raadsheren op te noemen die zitting hebben in de Hoge Raad, dan heb je nog best kans dat ze dat niet voor elkaar krijgen. De kans is bijna groter dat ze een van de rechters van het Hooggerechtshof in de VS kennen, dan dat ze er een aantal uit onze ‘eigen’ Hoge Raad kunnen opnoemen. En dat terwijl er in de Hoge Raad veel meer raadsheren zitting hebben dan in het Amerikaanse Hooggerechtshof, namelijk wel 35, terwijl er in het Amerikaanse Hooggerechtshof ‘slechts’ plaats is voor negen rechters!

Geen politiek spel

Anders dan in Amerika zijn ‘onze’ raadsheren dus duidelijk minder bekend. Dat komt eigenlijk vooral omdat de benoeming van de raadsheren in de Hoge Raad in Nederland (in ieder geval in de praktijk) geen politieke aangelegenheid is. In het geval dat er een vacature is – en dat is meestal omdat een rechter met pensioen gaat op (uiterlijk) 70-jarige leeftijd of iets anders wil gaan doen, en niet vanwege een overlijden zoals gebruikelijk in de VS – beveelt de Hoge Raad zelf een kandidaat aan bij de Tweede Kamer. De Tweede Kamer krijgt een lijst van zes kandidaten en de bovenste kandidaat op de lijst is de aanbevolen kandidaat. Zij voeren met alle kandidaten een gesprek. In de praktijk neemt de Tweede Kamer de aanbeveling van de Hoge Raad altijd over en dragen zij de betreffende kandidaat voor aan de ministerraad, voor benoeming door de Koning. De politiek bemoeit zich dus bijna niet met de rechters en vice versa bemoeien de rechters zich ook zo min mogelijk met de politiek, zo is het uitgangspunt.

Aangezien er dus niet eens echt discussie over is in de politiek en de Hoge Raad in de praktijk daarom zelf zijn nieuwe raadsheren kiest, zien we dat de benoemingsprocedure niet interessant genoeg is om breed uitgemeten te worden in de pers, zoals in Amerika. Daar is het immers de president die een kandidaat voordraagt, en de president kiest altijd iemand van zijn eigen politieke kleur. Daarna volgt de discussie in de Senaat over de voordracht en dit kan nogal eens leiden tot een stevig debat. In zekere zin moet een zittende president ook maar het ‘geluk’ hebben dat hij een keer iemand mag voordragen voor het Hooggerechtshof, want daarmee drukt hij zijn (politieke) stempel op het Hooggerechtshof voor de komende decennia. Uiteindelijk weet iedereen wat de politieke voorkeur van de betreffende rechter is. Door de openbare verhoren door de Senaat staat de persoon van de potentiële rechter centraal. Zijn of haar eerdere carrière, uitspraken en privéleven worden breed uitgemeten in de pers. De ene partij is voor, de andere partij is vaak tegen, en de stemming is vaak spannend. Daarmee wordt de hele procedure een stuk interessanter dan in Nederland, waardoor je er veel over kan lezen in de media.

Dissenting en concurring opinions

Daarnaast kent men in Amerika een systeem van dissenting en concurring opinions. Dit houdt in dat een rechter die het niet eens is met de uitspraak in een zaak zoals die door de meerderheid van de rechters is bepaald, in een dissenting opinion kan schrijven waarom hij of zij het er niet mee eens is. Een concurring opinion wordt juist geschreven door een rechter die het weliswaar eens is met de uitkomst van de zaak, maar hiervoor andere gronden aanvoert dan de gronden die in het vonnis worden genoemd. Daardoor weet iedereen veel beter wat de rechters nu echt van een zaak vinden en welke rechters in welke zaak voor en tegen hebben gestemd bij het bepalen van het vonnis. Men weet precies welke rechters progressief zijn en welke rechters nu juist conservatief. De rechters zijn daarom allemaal meer een individu dan lid van de rechtbank als geheel, waardoor het bijvoorbeeld voor RBG ook mogelijk was om zich te profileren als een progressieve rechter en als voorvechter van vrouwenrechten. Rechters schuwen ook niet om politieke uitspraken te doen, omdat iedereen toch al weet (door de benoemingsprocedure) bij welke politieke partij ze horen en dat dus ook gewoon geaccepteerd lijkt te worden. Zoals hierna duidelijk zal worden, is zoiets in Nederland gewoonweg niet mogelijk.

In Nederland kennen we namelijk dit systeem niet. Dit komt door het ‘geheim van de raadkamer’. De Nederlandse meervoudige kamer spreekt altijd met één mond. Niemand komt te weten of het vonnis een resultaat is van het besluit van de meerderheid, of dat de rechters unaniem de beslissing hebben genomen. Niemand weet welke rechters het met welke beslissingen wel of niet eens waren, waardoor eigenlijk ook niemand weet wat welke rechter nou écht van een bepaalde zaak vond. Alle rechters zijn daarmee hetzelfde, niemand weet of een bepaalde rechter juist conservatief is, of wat progressiever. Het gaat altijd om de rechtbank als geheel en nooit om het individu van de rechter, ook niet bij de Hoge Raad. Als raadsheer in de Hoge Raad is het hierdoor niet mogelijk om je te profileren als een conservatieve of progressieve rechter.

En nu?

Niemand weet dus eigenlijk wie de rechters in de Hoge Raad nu echt zijn en wat hun persoonlijke opvattingen zijn. Is dat erg? Daarover bestaan verschillende meningen. Over mijn antwoord op die vraag zou ik een heel nieuw artikel kunnen schrijven. Wie weet komt er ooit in de Nederlandse media een artikel over het pensioen van een van de raadsheren van de Hoge Raad. De kans lijkt me erg klein, maar mocht het toch ooit gebeuren, dan zou dat een mooie aanleiding zijn voor het schrijven van het hiervoor bedoelde artikel.

Mocht je nu toch geïnteresseerd zijn in onze ‘eigen’ rechters van de Hoge Raad? Neem dan vooral een kijkje op de website van de Hoge Raad (https://www.hogeraad.nl/over-ons/kamers-hoge-raad/).

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top