Bestuur en toezicht in de semipublieke sector: een droevigstemmend wetgevingsproject

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Onlangs verscheen de tweede nota van wijziging bij het Wetsvoorstel bestuur en toezicht rechtspersonen (Kamerstukken 34491). Daarmee is de weg geëffend voor goedkeuring door de Eerste Kamer. Het is het antwoord van de wetgever op de verspilling van publieke middelen in de zorg, bij het onderwijs en woningcorporaties. Reeds in september 2013 kwam de Commissie-Halsema in haar rapport Een lastig gesprek met aanbevelingen naar aanleiding van affaires zoals bij Vestia, Philadelphia, de IJsselmeer Ziekenhuizen, Amarantis, InHolland, Orbis, Rochdale en Meavita. Later volgden het ROC Leiden en Privazorg, waarover recent werd bericht in Trouw. Vormt de nieuwe wet een adequate remedie tegen dergelijke ontsporingen?

In 2016 kwam Justitie met een wetsvoorstel dat het bestuur en toezicht bij rechtspersonen in de semipublieke sector moest verbeteren. Dat zijn in de praktijk veelal stichtingen en verenigingen, maar in toenemende mate ook besloten vennootschappen. Het voorstel was in aanvang echter veel te breed van opzet. Het beoogde een nieuwe Algemene Titel in Boek 2 BW in te voeren, waardoor allerlei bestaande wetgeving onnodig op de schop moest. Voor aansprakelijkheid van bestuurders werd bovendien geen onderscheid gemaakt tussen de kleine liefdadigheidsstichting en sportvereniging enerzijds en grote commerciële stichtingen en verenigingen anderzijds.

Eind 2018 is het voorstel aangepast. Het genoemde onderscheid is alsnog geïntroduceerd en de nieuwe Algemene Titel in Boek 2 BW is weer geschrapt. Inhoudelijk blijft het voorstel echter veel te beperkt om effectief te kunnen zijn. Van specifieke regels voor rechtspersonen die (overwegend) gebruik maken van publieke middelen wordt niet gerept, terwijl daar toch het probleem ligt. Denk aan een goedkeuringsrecht van de overheid bij belangrijke financiële besluiten. Ook wordt niets geregeld voor rechtspersonen die in concernverband opereren.

Ook in de Privazorg-casus valt het ‘sjoemelen’ met verschillende rechtspersonen op. Gevolg is bijvoorbeeld dat alleen de werkmaatschappijen die onder de Wet Toelating Zorginstellingen (Wtzi) vallen een raad van commissarissen hebben, maar uitgerekend de stichting die de beslissende zeggenschap in en de centrale leiding over de groep uitoefent niet! Het wetsvoorstel verandert daar niets aan, omdat een raad van toezicht bij stichtingen nog steeds niet verplicht wordt gesteld. Inmiddels zijn we dus zes jaar verder na het rapport van de Commissie-Halsema en komt er naar verwachting een weinig effectieve wet.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top