De beëdigde verdachte

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Afgelopen zomer verhoorde de parlementaire enquêtecommissie Woningcorporaties de oud-bestuursvoorzitter van de woningcorporatie Rochdale. Hij stond onder ede en was aldus verplicht de waarheid te zeggen. Het verhoor werd live uitgezonden op televisie en is integraal na te lezen in het eindrapport.

Het parlementaire onderzoek liep samen met een strafrechtelijk onderzoek. Het OM verdenkt de oud-bestuursvoorzitter ervan dat hij zich heeft laten omkopen. Deze strafzaak loopt al jaren en moet nog door de rechter worden beoordeeld.

De verhorende parlementariërs brachten zelf de strafrechtelijke verdenkingen ter sprake. Zij vroegen de getuige of hij ooit steekpenningen had aangenomen. De getuige antwoordde dat dit nooit was gebeurd.

Recent werd bekend dat het OM de oud-bestuursvoorzitter nu ook voor meineed gaat vervolgen. Dat lijkt consequent: men denkt immers dat de man zich wel degelijk heeft laten omkopen en in die gedachtegang moet hij in het getuigenverhoor onwaarheid hebben gesproken. Toch deugt deze actie niet.

Voor de strafrechter mag een verdachte altijd zwijgen of ontkennen, maar deze verdachte getuige kon zich voor de enquêtecommissie niet beroepen op enig zwijgrecht. Niet antwoorden zou leiden tot vrijheidsbeneming (gijzeling) en strafbaarheid wegens schending van de getuigplicht. Hij bevond zich dus in een dwangpositie, gevangen in het oog van de camera, terwijl heel Nederland – inclusief zijn toekomstige rechter – kon meekijken.

Het OM meent blijkbaar dat zijn verdachte onder die omstandigheden bij de enquêtecommissie zou hebben moeten toegeven steekpenningen te hebben aangenomen. Het zal daarbij wel wijzen op de “bescherming” die de Wet op de parlementaire enquête een getuige biedt: diens verklaring mag in het strafproces niet als bewijs worden gebruikt, zodat hij “vrij” zou zijn geweest de veronderstelde waarheid te verklaren.

Schone schijn. Alsof een publieke bekentenis geen rol zou spelen in het strafproces en alsof zij de rechterlijke overtuiging niet al bij voorbaat zou vestigen.

Parlementariërs die verdachte getuigen in het openbaar onder ede dwingen te verklaren over zaken waarvoor zij zich voor een strafrechter zouden moeten verantwoorden, breken de procespositie van de betrokkene af. Van de verklaringsvrijheid in het strafproces blijft materieel niets over.

De beëdigde verdachte verkeert in een overmachtsituatie. Hij verdient reële rechtsbescherming.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Meest gelezen berichten

Van onze kennispartners

Juridische vacatures

Wageningen University & Research zoekt een

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top