Emma van der Vos

Doceren in Leiden I: Ontgroeningsverhalen

Ze zeggen weleens: “Lesgeven houdt je jong.” Ik ben erachter gekomen dat niets minder waar is. Alleen al door dit simpele gegeven: ik word elk jaar ouder en mijn studenten blijven dezelfde leeftijd. Het verschil tussen ons wordt dus steeds groter. Daarbij word ik ook sneller ouder dan mij lief is. Terwijl mijn studenten drie jaar geleden nog om mijn identiteitsbewijs vroegen om te checken hoe oud ik eigenlijk was, zijn ze nu in de volste veronderstelling dat ik minstens achter in de dertig moet zijn. (Voor de goede orde: ik ben 26).

Dankzij de Leidse studievereniging voor rechten (Grotius) mocht ik aan studenten een lezing geven over mijn proefschrift. Komen luisteren was op vrijwillige basis, dit met het gegeven dat het buiten 25 graden was en binnen nog warmer, was ik allang blij als alleen de organisatie zou komen opdagen. Uiteindelijk viel het me toch mee: er zijn duizenden rechtenstudenten in Leiden en toch hadden maar liefst twintig de moeite genomen om in een donker, te warm hok naar mijn gezever over topbeloning te luisteren.

Na afloop van mijn lezing volgde er traditiegetrouw een borrel. Ik leerde de studenten, allen actief bij Grotius, kennen. Om mij heen zaten Roderick, Lennart, Eveline en Merel. Het waren leuke, slimme en sociale studenten. Het volgende uitje van de studievereniging, zo vertelde Merel mij, zou naar de plaatselijke schietvereniging zijn voor een workshop schieten met verschillende wapens. “Het deelnemersmaximum is al bereikt!” voegde ze enthousiast toe.

Het gesprek kwam, zoals wel vaker op een Leidse borrel, op ontgroeningen. De studenten waren allemaal lid van een studentenvereniging en hadden dus een ontgroening meegemaakt. Ze waren relatief positief en knikten op de vraag dat de ontgroening het deelnemersschap waard is. Ze vertelden dat de ontgroening door de studentenvereniging zwaar was, maar goed aan regels gebonden. Ze hadden het recht op minstens zes uur slaap per nacht en fysieke mishandeling was verboden. Ook mochten de ‘ontgroeners’ niet dronken zijn. Het was loodzwaar geweest, maar ze hadden de eindstreep met vlag en wimpel gehaald.

“Behalve jij, toch, Lennart? Jij was eerder gestopt toch?” zei Merel. Lennart beaamde dat. “Wat dan?” vroeg ik nieuwsgierig. “Ik wilde mijn tentamen halen”, zei hij. “Nou… Ja… en ik had een paniekaanval halverwege de ontgroening.”

Het verhaal was als volgt: Lennart had eerst meegedaan aan de algemene ontgroening van zijn studentenvereniging. Dit was al zwaar gevallen, zo had hij staan kotsen op een plein in Leiden. Maar dit alles was niets vergeleken met wat daarna moest komen. Want tijdens de (toch wel goed geslaagde) algemene ontgroening werd hij voor een dispuut geselecteerd. Het bleek een van de oudste en daarmee een van de meest prominente disputen binnen Leiden. En dat heeft hij geweten. De dispuutsontgroening begon met uitkleden tot op zijn boxer. Staan werd verboden: Hij moest ontkleed 10 uur lang rondschuifelen op zijn knieën terwijl hij met de groep corporale liedjes opdreunden. Tijdens dit proces werden ze bekogeld met gloeiend heet kaarsvet, eieren en bier door de oudere dispuutsleden. Bij een gemaakte fout werd de desbetreffende jongen alleen gezet en vernederd. Opnieuw en opnieuw, tot hij de corporale liedjes foutloos ophoestte. En dit was nog maar dag één.

Dagelijks stond het eten van twintig teentjes knoflook op het menu. Iets wat onschuldig klinkt, maar maakt je hele vermogen tot het proeven verdwijnt. Ook leidde het bij hem tot constant bloedend tandvlees en een zeurende pijn. Het aantal uren slaap was gelimiteerd tot twee uur per nacht. Douchen was gedurende de gehele tijd van meer dan een week niet toegestaan. De ontgroeners waren de gehele tijd dronken geweest. Eten was wegens het knoflook eten op zijn minst problematisch te noemen. Veel meer wilde hij over de periode niet kwijt.

“Maar het is toch aan regels gebonden?” vroeg ik nog niet-begrijpend. De studenten om mij heen legden uit dat de dispuutsontgroeningen zich wel vaker niets aantrokken van de regels. Het probleem zat hem in het gebrek aan toezicht op de dispuutsontgroeningen.

Bij Lennart was er gedurende deze ontgroening iets geknapt, vertelde hij. Hij besloot na de paniekaanval naar huis te gaan. Ook had hij de angst dat hij zijn eerste tentamen niet zou halen, deze vond plaats op de laatste dag van de ontgroening. Voor Lennart, die niet uit een rijk gezin komt, was het halen van de tentamens extra belangrijk met het oog op een mogelijk grotere studieschuld.

Ik had met verbazing geluisterd, maar dan moet ik ook toegeven dat mijn enige verenigingsverleden bestaat uit een braaf studentenorkest in Amsterdam. “Het klinkt als een beetje als martelen”, zei ik na een poosje.

“Klopt”, zei Lennart. De groep studenten inclusief Lennart begonnen te lachen. Toen het gelach uitgestorven was keek Lennart peinzend in de verte. Met een serieus gezicht zei hij: “Als ze het op het journaal hebben over water boarden dan denk ik: ik heb ook zoiets meegemaakt.”

Wilt u geen belangrijk juridisch nieuws meer missen?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over de auteur

Emma van der Vos

Emma van der Vos

Emma van der Vos is promovenda en docent aan de Universiteit Leiden. Daarnaast werkt zij als research associate bij een groot Zuidaskantoor. Zij schrijft over haar ervaringen, oprispingen en het contrast tussen de academische en de commerciële wereld.

Recente vacatures

Recente vacatures
Mercedes-Benz – Mercedes Business Solutions (Rectangle)