‘Drone-ontwikkelingen zetten de markt op stelten’

Steeds meer mensen hebben een drone en het gebruik ervan voor publieke, recreatieve en commerciële doelen groeit. Dit levert allerlei juridische vragen op, bijvoorbeeld op het gebied van veiligheid, aansprakelijkheid, privacy, verzekeringen en handhaving. Heel diverse materie voor juristen om hun tanden in te zetten. “De ontwikkelingen rond drones kunnen de markt flink op stelten zetten.”

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
Depositphotos

IT-advocaat Wouter Dammers (LawFox) is gespecialiseerd in IT-projecten, auteursrecht op software en privacyrecht. Sinds het Nationaal IT-recht congres in maart 2018, waarvoor hij was uitgenodigd om te spreken over de regulering van drones, houdt hij zich ook met dit onderwerp bezig. Volgens hem staat vast dat steeds meer mensen zo’n op afstand bestuurd, onbemand luchtvaartuig hebben, en dat ook de mogelijkheden om er beroepsmatig gebruik van te maken snel toenemen.

Europese regels

In zijn praktijk krijgt Dammers wel eens vragen van drone-eigenaren – exploitanten – die zich afvragen aan welke regels ze moeten voldoen, en vragen over de Europese dronewetgeving die op 31 december in werking is getreden en in ‘drone-land’ voor veel commotie zorgde. Deze Europese regels, die in Nederland zijn geïmplementeerd in de Regeling onbemande luchtvaartuigen, gelden voor verkopers en gebruikers van drones en beogen de veiligheid in het EU-luchtruim te vergroten en de privacy van burgers zo goed mogelijk te waarborgen.

Het idee achter deze regelgeving is dat drones een snel groeiende sector in de luchtvaart vormen. “Het mooie aan de nieuwe regelgeving is dat zij het gebruik van drones in goede banen leidt en tegelijkertijd veel ruimte biedt aan bedrijven om van drones gebruik te maken”, zegt Dammers. “De regels gaan ervan uit dat iedereen in principe met een drone kan vliegen, als hij aan bepaalde voorwaarden voldoet.”

De nieuwe wetgeving maakt onderscheid naar het risicoprofiel van een vlucht. “Aan welke regels je moet voldoen hangt af van de soort drone en de locatie waar je vliegt. Naarmate een vlucht meer risico’s meebrengt, worden er meer eisen gesteld aan de dronepiloot en drone-eigenaar.”

Het belangrijkste verschil met eerdere wetgeving is volgens hem dat er niet langer onderscheid wordt gemaakt tussen commercieel en niet-commercieel gebruik en dat er verschillende categorieën voor dronevluchten zijn gekomen. Zo vallen de meeste hobby-dronepiloten onder de zogenoemde Open categorie.

Disruptief

Wouter Dammers
Wouter Dammers

Hoewel de dronebranche volop in ontwikkeling is, merkt Dammers hiervan nog niet veel in zijn praktijk. Maar dit kan snel veranderen. Bij drones gaat het volgens hem immers om “disruptieve innovatie”, waarbij nieuwe toetreders bestaande bedrijven zullen uitdagen, en dat maakt drones voor hem ook zo interessant. “De ontwikkelingen rond drones kunnen de markt flink op stelten zetten, bijvoorbeeld wanneer ze worden ingezet voor het bezorgen van pakketten, als taxi, en om medicijnen te vervoeren”, zegt Dammers, die zelf geen drone heeft maar er wel eens mee heeft gevlogen in een daarvoor speciaal ingerichte ruimte.

Ook nu al worden drones voor heel diverse doeleinden ingezet, benadrukt hij. “Zo maken journalisten en programma- en filmmakers er steeds vaker gebruik van.”

Drones in coronatijd

Vooral interessant vindt Dammers de inzet van drones in de landbouwsector, onder meer om gewassen te controleren. Zo’n vijf procent van de akkerbouwers in Nederland gebruikt drones ter  ondersteuning van hun bedrijfsvoering, zo bleek uit onderzoek van AgriDirect uit 2019, een verdubbeling ten opzichte van 2018. Ook de politie zet regelmatig drones in, ook in coronatijd. Als voorbeeld noemt Dammers de agenten in Den Haag die met een drone met luidspreker marktbezoekers in verschillende talen lieten weten dat er een verbod op samenscholing was en dat ze zich moesten houden aan de anderhalvemetermaatregel. Daarop uitte de IT-advocaat kritiek in de media. Hij wees erop dat een drone alleen mag worden ingezet als dit noodzakelijk is om het doel te bereiken en er geen minder ingrijpend middel mogelijk is. Dit was hier niet het geval, vindt hij. “Je kunt ook flyers ophangen met waarschuwingen in verschillende talen of een bandje afspelen met een luidspreker.”

Privacyschending

Ook de privacy van burgers kan in het geding zijn. De meeste drones hebben een camera, waarmee mensen bespied en geobserveerd kunnen worden. Ook kunnen er allerlei data mee verzameld worden. Verwacht wordt dat drones in de toekomst steeds lichter, kleiner en krachtiger worden, waardoor ze steeds meer geschikt zullen zijn voor spionagedoeleinden en andere heimelijke observaties. Voorlopig biedt volgens Dammers de huidige privacywetgeving voldoende mogelijkheden om privacyschendingen te voorkomen of aan te pakken. Wel verwacht hij dat er door de groeiende populariteit van drones en toename van het aantal toepassingen meer geschillen zullen komen. “Tot nu toe zijn er slechts enkele rechtszaken over dronegerelateerde kwesties geweest, maar ik verwacht in de nabije toekomst meer jurisprudentie.”

Interessant vindt hij een zaak over een burenruzie, die in 2017 diende bij de rechtbank Gelderland. Een jongen schoot met een luchtbuks de drone met camera van zijn buurman uit de lucht, waarmee die in zijn tuin had gevlogen. De rechter besliste dat de man inbreuk had gepleegd op de privacy van de jongen en dat de jongen inbreuk had gemaakt op het eigendomsrecht van zijn buurman. Daarom moesten ze allebei de helft van de schade vergoeden.

Misbruik

Het belangrijkste aandachtspunt is volgens Dammers het mogelijke misbruik door kwaadwillenden, die drones willen gebruiken om anderen schade toe te brengen, bijvoorbeeld door de drone te hacken en in te zetten bij cyberaanvallen of terroristische activiteiten. “Een drone is verbonden met het internet en dat brengt risico’s mee. De beveiliging moet daarom altijd goed op orde zijn.” Volgens hem heeft dit de aandacht van politici. “Maar het is de vraag of zij voldoende deskundig zijn. Daarom ben ik een groot voorstander van een ministerie van Digitale Zaken.”

Aansprakelijkheid

Noortje Lavrijssen
Noortje Lavrijssen

Ook Noortje Lavrijssen houdt zich bezig met drones en dronewetgeving. Lavrijssen is jurist bij het wetenschappelijk bureau van Advocaten Familie- & Erfrecht. Daarnaast is ze docent bij de Juridische Hogeschool Avans-Fontys, waar ze verbonden is aan het in november 2016 in het leven geroepen Lectoraat Recht en Digitale Technologie. Zij richt zich vooral op contracten- en aansprakelijkheidsrecht en begeleidt regelmatig studenten bij hun afstudeeronderzoek over dronegerelateerde onderwerpen.

Zo begeleidde ze een student bij een onderzoek naar de aansprakelijkheidsaspecten van drones, waarover in 2018 het artikel ‘Civielrechtelijke aansprakelijkheid voor schade veroorzaakt door recreatieve drones in Nederland’ verscheen in het tijdschrift Computerrecht.

Ook begeleidde ze twee studenten die onderzoek deden naar de inzet van drones door deurwaarders bij beslaglegging. Onderzocht werd aan welke voorwaarden een deurwaarder moet voldoen om een drone beroepsmatig te gebruiken. Een andere student richtte zich in haar afstudeerproject op de privacywetgeving bij het gebruik van drones. Naar aanleiding van beide onderzoeken schreven de studenten met Lavrijssen het artikel ‘Beslag met behulp van een drone: enkele aandachtspunten’, dat in 2018 is gepubliceerd in het Tijdschrift Vervoer & Recht en waarin is voortgeborduurd op een door gerechtsdeurwaarder Stefano Nocco in dit tijdschrift gepubliceerd artikel over het dronebeslag. “De conclusie was dat beslag leggen met een drone in principe mag, mits de werkzaamheden niet op een andere manier kunnen plaatsvinden. Denk aan iemand die op de tiende verdieping van een flat woont en weigert een deurwaarder binnen te laten. Als beslaglegging via een raam mogelijk is met een drone, dan zou dit in principe toegestaan moeten zijn. De deurwaarder moet er dan wel voor zorgen dat de privacyschending zo klein mogelijk is.”

Deurwaarders zouden volgens haar onderling afspraken kunnen maken over het gebruik van drones en bijvoorbeeld een standaardkleur voor hun drones kunnen gebruiken, zodat voor omstanders helder is met welk doel zo’n drone rondvliegt. “Over die afspraken moet de samenleving dan ook worden geïnformeerd.” Overigens verwacht Lavrijssen niet dat veel deurwaarders belangstelling zullen hebben voor het werken met een drone, omdat ze de daarvoor vereiste vergunning meestal niet hebben en dus een professionele organisatie moeten inschakelen. “De kosten lopen dan al snel op.”

Registratieplicht

In 2020 was Lavrijssen ook betrokken bij een afstudeerproject over de op 31 december in werking getreden Europese dronewetgeving, die volgens haar bijzonder is omdat het de eerste wetgeving is die zich specifiek op drones richt. Sinds de inwerkingtreding geldt voor drone-eigenaren onder meer een verplichte registratie bij de RDW (Dienst voor het Wegverkeer). “Een goede ontwikkeling. Eerst moesten alleen professionele dronevliegers zich registreren, maar nu zijn alleen bestuurders van speelgoeddrones tot 250 gram en zonder camera uitgezonderd van registratieplicht.” Maar dit ondervangt nog niet alles, waarschuwt ze. “Zo weet je na een ongeval wel wie de eigenaar of producent van de drone is, maar nog niet wie de drone bestuurde.”

Dat er vanaf 1 januari 2023 ook minimale producteisen voor nieuw verkochte drones in de Open categorie komen, vindt ze eveneens een goede ontwikkeling. Daarvoor zal een speciaal keurmerk worden geïntroduceerd.

De Europese regels zijn volgens Lavrijssen ook duidelijk over een verzekeringsplicht: voor exploitanten met een drone van twintig kilo of zwaarder is een verzekering verplicht. Niettemin adviseert ze dronevliegers altijd na te gaan wat er in hun polis staat. “Ik sluit ook niet uit dat steeds meer verzekeraars in de toekomst besluiten om uitsluitingsclausules op te nemen.”

Experimenten

Ook Lavrijssen verwacht meer jurisprudentie over de juridische gevolgen van het vliegen met drones, vooral nu deze ook steeds meer beroepsmatig worden ingezet. Als voorbeeld noemt ze de pilot van Rijkswaterstaat die met drones inspecties liet uitvoeren bij bruggen. “Voor gebouwinspecties kunnen drones eveneens goed bruikbaar zijn. Ook de experimenten met drones die medicijnen van het vasteland naar een Waddeneiland brachten vind ik interessant. Als je snel wilt leveren, wil je niet wachten tot de veerboot gaat.”

Lastig

Zelf heeft Lavrijssen geen drone. Wel bediende ze een keer een speelgoeddrone. “Ik vond het behoorlijk lastig hem recht in de lucht te houden. Een beetje wind eronder en hij lag al in de tuin bij de buren.” Ze grinnikt. “Maar dat kan ook aan de kwaliteit hebben gelegen.”

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top