DSB: eerst de moraal, dan geld terug

Delen:

De dagen van DSB leken al eerder geteld. Al jaren waren liquiditeit en solvabiliteit niet echt op orde. Zelfs voor banken zijn dat beslissende gegevens. Lekken uit geheim overleg met de Nederlandse Bank en Lakemans oproep aan rekeninghouders om hun geld weg te halen gaven het laatste zetje. Overheidssteun was geen optie, alleen al omdat na hervatting van de DSB-activiteiten opnieuw een run op rekeningen zou zijn ontstaan.

Dat is allemaal bekend. Een andere moraal van het verhaal heeft minder aandacht gekregen. Sinds zo ongeveer het Haviltex-arrest moeten contractanten over en weer nog meer rekening houden met elkanders geestelijke vermogens dan eertijds, toen eigenlijk alleen voorzichtigheid met zwakzinnigen was geboden. Sterker nog: De Rabo-arresten en wat er op volgde houden in dat zorgplichten in de weg kunnen staan zelfs aan uitvoering van overeenkomsten met particuliere klanten door banken en financiële instellingen. Ook al willen mensen in de val lopen, de bank mag die niet open zetten. Wie dat toch doet draait op voor de schade.

Du Perron en zijn geestverwanten vinden dergelijke vergaande zorgplichten terecht. Mensen zijn niet zo vrij als zij en wij wel eens denken, vond hij. Ook financiële instellingen moeten dat weten en er rekening mee houden. Zo wordt de bank haar zusters en broeders hoeder, door wat is overeengekomen niet uit te voeren of te gevaarlijke produkten zelfs helemaal niet aan te bieden. Andere civilisten kwamen daar tegen op. Te paternalistische zorgplichten zouden neerkomen op moralisering van het recht en debilisering van rechtsgenoten. Moralisering omdat het recht zonder formeel wettelijke grond en in strijd met contractsvrijheid de zwakkeren in bescherming neemt tegen banken en ander institutioneel geboefte. Debilisering omdat wordt aangenomen dat mensen wilsombekwaam zijn, tenminste, als achteraf blijkt dat hun eigen besluiten toch niet goed uitpakken.

Dat te veel banken en financiële instellingen criminele organisaties zijn behoeft verder geen betoog. Interessanter zijn veranderingen in rechtspraak en publieke moraal die mede hebben geleid tot dergelijk vergaande zorgplichten. Sinds de jaren zestig geldt in de rechtspraak het stilzwijgend beginsel dat zwakkere partijen niet tussen wal en schip mogen vallen. Zo bepaalt – eigenlijk publiekrechtelijke – verdelende rechtvaardigheid tenminste een deel van onze civielrechtelijke resultaatjurisprudentie. Desnoods worden de feiten van het geval zo ingericht dat het gewenste resultaat er uit rolt. Dat kan niet altijd kwaad. Er zijn nu eenmaal schrijnende gevallen waarin zelfs de rechter een helpende hand moet bieden.

Bij zorgplichten in financiële betrekkingen tussen banken en particuliere klanten is het niet anders. De zwakke partij moet uit de wind worden gehouden, op grond van de kennelijk vanzelfsprekende aanname dat betrokken rechtsgenoten niet goed bij hun hoofd waren. Met gewenst resultaat.

De vraag is alleen waar hier de grenzen liggen. Die lijken te vervagen. De rechter luistert naar het volk. Steeds verdergaande rechterlijke beschermingsmoraal gaat samen met een maatschappelijke of eigenlijk individualistische ontwikkeling die de schuld aan alle onheil bij de anderen legt en eigen autonomie alleen aanneemt als die goed uitkomt.

Zijn mensen zo stom geweest om met open ogen in de val van een tophypotheek te lopen, huizen te bouwen in uiterwaarden waarvan al bekend was dat zij onder water zouden lopen en nog veel meer, dan zijn zij zielig en moeten “de instanties” te hulp komen. En die doen dat ook, uiteindelijk met belastinggeld dat ten dele wordt opgebracht door mensen en instellingen die aan die domheid part noch deel hebben.

Eigen schuld lijkt niet meer te bestaan, lotsaanvaarding evenmin. Persoonlijk falen wordt vertaald in ressentiment tegen iedereen en alles dat in de weg lijkt te staan. Maar de schuld moet ergens blijven. Die wordt gelegd bij banken, andere financiële instellingen, overheden, allochtonen, andere vermeende misdadigers en nog veel meer.

Het is het slag volk dat in weg- en ander maatschappelijk verkeer de medemens geen ruimte laat, politieagenten en andere ambtenaren beschimpt, belastingen, nuts- en nog veel meer bedrijven oplicht, boekhoudingen bijstelt en ook overigens liegt als het zo uitkomt. Zelf speelt het de vermoorde onschuld, maar het zet wél om het minste of geringste een grote bek op en stemt op de PVV of op ander populisme.

Al die Nieuwe Nederlanders die in dienst van DSB of vergelijkbare instellingen hun “slachtoffers” poten uitdraaiden laten hetzelfde egocentrische of eigenlijk egoïstische gedrag zien. De boel beduvelen maakt niet uit, zolang het maar wat oplevert. Wie er over begint, krijgt te horen: “Ja, maar iedereen deed het, het was in opdracht van de baas, ik wist het niet” en andere uitvluchten meer. Weer geldt: schuld hebben alleen de anderen, als dat wat oplevert. Zonder schijn van eigen schuldeloosheid en aanwijzing van anderen als zondebokken geen ongezond gevoel van eigenwaarde, dat is het achterliggend mechanisme.

Wilders’ eigen optreden laat de kennelijk vanzelfsprekende ongelijkheid van dit “eerst ik”-mechanisme goed zien. Fractiegenoot Hero Brinkman liet zich in Nieuwspoort ongeremd vollopen (weer die mateloosheid). Een barman werd het slachtoffer. Wat deed Wilders? Hij verbood zijn fractiegenoten om nog in Nieuwspoort te komen, als ware het dat niet Brinkman maar Nieuwspoort het heeft gedaan. Volgens dezelfde partij moet de rest van de criminele wereld hard worden gestraft.

Tenminste in dit opzicht staat Wilders model voor de verongelijkte achterbaksheid van de Nieuwe Nederlander. Intussen zijn de medelanders de eigenlijk schuldigen van alle “ellende”, tenminste, zoals dat door dit soort white trash wordt gevoeld. “Ze pakken onze huizen af” en erger. (Hoewel? white trash? Wilders is toch zelf niet eens rasecht blank? Dat zijn inderdaad de ergsten.)

Diezelfde nieuwe Nederlander heeft inderdaad nogal eens geld geleend op minder gunstige voorwaarden. Nu wil hij dat terugzien, want het was allemaal niet zijn schuld. Waar had hij het eigenlijk voor nodig? Inderdaad, om een groter huis te kunnen kopen dan de buurman, of als het echt niet anders kon alleen een dikkere auto of een nog warmere vakantie. Statusangst ligt in verlengden van verongelijktheid en ressentiment. Minderwaardigheidscomplexen zijn drijfveren achter bezitsdrang én vreemdelingenhaat: wij moeten meer hebben dan zij, in ieder geval meer dan die nare en misdadige medelanders.

De banken zagen wel brood in die pathologische bezitsdrang. Ze schoten de kosten er van voor, terwijl hadden kunnen weten hoe het afloopt. Erst kommt das Fressen und dann die Moral, heette het nog niet zo lang geleden. Maar als die “moraal” goed uitkomt voor het geld en het vreten, dan is het tegenwoordig toch liever omgekeerd.

Delen:

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Scroll naar boven