Marije Louisse over publieke financiering van falende banken

Mr. van de week is Marije Louisse. Zij promoveerde recent op haar proefschrift over publieke financiering van falende banken in de EU. Louisse is senior jurist bij De Nederlandsche Bank in Amsterdam en als fellow verbonden aan het Instituut voor Financieel Recht van de Radboud Universiteit.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
Marije Louisse (DNB)

Gefeliciteerd met uw promotie. Waar gaat uw proefschrift kort samengevat over?
Mijn onderzoek gaat over de regulering van publieke financiering van falende banken na de financiële crisis van 2008. Denk in Nederland aan ABN Amro en ING. Met de introductie van het Europese resolutiekader (BRRD/SRM-verordening) in 2015 is de belofte gedaan dat de belastingbetaler niet langer zou opdraaien voor de redding van falende banken. In mijn onderzoek heb ik bekeken of deze belofte inderdaad wordt waargemaakt. Ook heb ik onderzocht hoe de rol van de Europese Commissie als staatssteunautoriteit is gewijzigd door de introductie van het resolutiekader en wat de herstructureringsverplichtingen van een falende bank zijn als deze toch staatssteun krijgt.

Na de financiële crisis van 2008 zeiden veel mensen dat banken niet langer gered zouden mogen worden door de belastingbetaler. Hoe staat het er nu voor?
De mogelijkheden voor staatssteunverlening zijn beperkt door het resolutiekader. Maar we hebben al gezien dat lidstaten creatief omgaan met het verstrekken van publieke middelen aan falende banken buiten het afwikkelingskader om. Denk aan de Italiaanse banken Veneto Banca en Banca Monte dei Paschi di Siena, maar bijvoorbeeld ook aan de Duitse bank NORD/LB.

Er is nu een juridisch kader voor de regulering van publieke financiering van falende banken. Is dit te zien als Europese regelgeving naar een sterker Europa of juist naar meer autonomie voor de lidstaten?
Ik zie dit als een ontwikkeling naar een sterkere Europese Unie. De mogelijkheden voor lidstaten om staatssteun te verlenen aan banken zijn verder geharmoniseerd. Tegelijkertijd blijkt ook duidelijk dat er nog veel moet gebeuren. Zo is de insolventiewetgeving in de EU-lidstaten niet geharmoniseerd, hebben we nog geen Europees depositogarantiestelsel en bepalen EU-lidstaten nog steeds zelf of ze staatssteun geven aan een bank.

Wat heeft u tijdens uw onderzoek het meest verrast of verbaasd?
Mij heeft het meest verbaasd dat het onderwerp van mijn proefschrift nog vaak vanuit verschillende perspectieven wordt bekeken zonder deze te integreren. Er wordt dan ofwel een staatssteunperspectief, ofwel een resolutieperspectief gehanteerd, terwijl juist een geïntegreerde blik nodig is. Mijn proefschrift is gebaseerd op dat uitgangspunt.

Uw promotor Danny Busch zei eerder in Mr. dat niet alleen banken maar ook andere systeemrelevante financiële instellingen onder een Europees herstel- en afwikkelingsregime zouden moeten vallen. Hoe ziet u dit?
Ik denk inderdaad dat dit nodig is en er zijn ook ontwikkelingen op Europees niveau gaande in dat opzicht. Recentelijk, op 23 juni 2020, bereikten het Europees Parlement en de Raad een politiek akkoord over een herstel- en resolutiekader voor centrale tegenpartijen. In Nederland hebben we sinds 1 januari 2019 een resolutiekader voor verzekeraars. EIOPA maakt zich daarnaast hard voor een Europees herstel- en resolutiekader voor verzekeraars. De FSB heeft tot slot in een consultatierapport van 28 juni 2020 aandacht gevraagd voor de risico’s als gevolg van het verplaatsen van kredietbemiddeling naar buiten de bankensector. De financiële sector is constant in ontwikkeling. Daardoor moet men steeds blijven nadenken over passende wet- en regelgeving.

Wat houdt uw werk als jurist bij DNB zoal in?
Ik werk als senior jurist in het team Toezicht & Wetgeving bij de divisie Juridische Zaken van DNB. Dit team is verantwoordelijk voor de juridische ondersteuning van de verschillende toezichtdivisies van DNB. Ook draagt dit team zorg voor implementatie van nieuwe wetgeving en voor een zorgvuldige afwikkeling van procedures in bezwaar en beroep.

Wat is het hoogtepunt in uw carrière?
Ik werk nu ongeveer 10 jaar, dus ik hoop dat het hoogtepunt in mijn carrière nog gaat komen.

Natuurlijk was de verdediging van mijn proefschrift op 16 oktober een memorabel moment.

Wie of wat is voor u een bron van inspiratie?
Alle mensen die ik ontmoet, vormen voor mij een bron van inspiratie. Ieder mens is uniek met zijn of haar eigen talenten. Dat vind ik fascinerend.

Wat is niet over u bekend, dat wel interessant is?
Als het even kan, vind je me buiten in de natuur.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten.

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top