Medische dossiers overdragen bij faillissement
De Verzamelwet gegevensbescherming is op 1 september 2026 in werking getreden. De wet verduidelijkt onder meer hoe medische dossiers mogen worden overgedragen als een zorgaanbieder failliet gaat. In een eerdere update stond de wettelijke grondslag voor de verwerking van persoonsgegevens door de curator centraal. Deze update gaat specifiek in op de overdracht van medische dossiers bij een faillissement.
Sectoren: Gezondheidszorg
Expertises: Herstructurering, Insolventie, Gezondheidsrecht
Mensen: Michiel Peeters, Myrthe Monfrance
Bij faillissement van een zorgaanbieder moet de curator medische dossiers bewaren en waar mogelijk, overdragen aan een opvolgende hulpverlener. De curator werd daarbij weliswaar aangemerkt als verwerkingsverantwoordelijke, maar voor de verwerking van deze gezondheidsgegevens ontbrak een uitdrukkelijke wettelijke grondslag. In de praktijk was de curator daardoor aangewezen op het vragen van toestemming aan iedere afzonderlijke patiënt. Dat bleek vaak niet haalbaar: patiënten reageerden niet allemaal, sommigen waren onvindbaar en de curator had weinig tijd. Ook bij de afwikkeling van zorgfaillissementen door curatoren van Boels Zanders bleek het ontbreken van een wettelijke grondslag in de praktijk een knelpunt.
Overdracht zonder toestemming
Het nieuwe artikel 30a van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming (UAVG) geeft de hulpverlener een uitdrukkelijke grondslag om dossiers zonder toestemming van de patiënt over te dragen aan een opvolgende hulpverlener of instelling. De hulpverlener heeft hiervoor geen toestemming van de patiënt nodig. De overdracht is rechtmatig; het medisch beroepsgeheim staat er niet aan in de weg.
Artikel 30b UAVG regelt hetzelfde voor niet-hulpverleners, zoals de curator, een erfgenaam of een executeur. Zij mogen dossiers overnemen, bewaren en overdragen aan een opvolgende hulpverlener, zonder toestemming van de patiënt. De wet voorziet wel in een plicht om de patiënt te informeren.
Informeren of bekendmaken
Bij overdracht door de hulpverlener zelf moeten patiënten in beginsel worden geïnformeerd over de overdracht (artikel 30a, tweede lid, UAVG). Bij overdracht door anderen dan hulpverleners, zoals de curator, geldt via artikel 30b UAVG dezelfde regel. Kan informeren niet, of vergt dit onevenredig veel inspanning, dan volstaat in beide gevallen een tijdige, algemene bekendmaking van de overdracht. Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) kan bij ministeriële regeling nadere regels stellen over de wijze waarop dit moet gebeuren.
Praktische uitvoerbaarheid
Dat er nu een wettelijke grondslag is voor overdracht van patiëntendossiers, is voor de faillissementspraktijk essentieel. Het maakt de eerder geschetste, onwerkbare route via individuele toestemming overbodig. Door te werken met een informatie- of kennisgevingsplicht in plaats van een toestemmingsvereiste, kan de curator de dossiers direct overdragen aan een opvolgende hulpverlener, ook als het om duizenden dossiers gaat. Tegelijk zorgt de wet ervoor dat patiënten weten waar hun dossier zich bevindt en welke rechten zij tegenover de nieuwe bewaarder hebben.
Geheimhouding
Op ieder die dossiers overdraagt of bewaart, blijft een geheimhoudingsplicht rusten. Dat was al zo, maar staat nu uitdrukkelijk in de UAVG. Schending is strafbaar op grond van artikel 272 Wetboek van Strafrecht.
Geen vergoeding voor overdracht
Nieuw is dat de overdracht van medische dossiers kosteloos moet plaatsvinden. Dit is bij amendement opgenomen naar aanleiding van het faillissement van huisartsenketen Co-Med, waarin zorgverzekeraars een vergoeding moesten betalen voor de overdracht van patiëntendossiers. Buiten faillissement is dit verbod goed te verdedigen: een doorlopende huisartsenpraktijk of instelling kan de kosten van dossieroverdracht dragen als onderdeel van haar normale bedrijfsvoering en zonder tijdige toegang tot het dossier kan een opvolgende hulpverlener geen verantwoorde zorg garanderen.
In faillissement ligt dit anders. Nu de curator voor de overdracht van de patiëntendossiers geen vergoeding meer mag bedingen, komen de kosten voor het bewaren en de overdracht van de dossiers in beginsel ten laste van de boedel. Dat betekent dat deze kosten uiteindelijk voor rekening komen van de schuldeisers van de failliete onderneming. Bij faillissementen met een beperkte boedel is het in algemene zin de vraag hoe in de kosten wordt voorzien.
Een structurele financierings- of vangnetregeling ontbreekt. Het Ministerie van VWS heeft bij het faillissement van het Slotervaart-ziekenhuis eenmalig een ‘last resort’-rol vervuld door de bewaarkosten voor zijn rekening te nemen, maar heeft zich nadien terughoudend getoond in het bieden van een dergelijke vangnetfunctie. Dit vraagstuk blijft dan ook, ook na inwerkingtreding van de Verzamelwet, een aandachtspunt voor de insolventiepraktijk.
Wilt u meer weten over de overdracht van medische dossiers bij faillissement? Neem dan contact op met Michiel Peeters, Myrthe Monfrance of een van de andere specialisten van sectorteam Zorg.
