Nataschja Hummel over de rechtspositie van de militair

Mr. van de week is Nataschja Hummel (1979), docent arbeidsrecht aan Universiteit Utrecht. Op 8 oktober promoveert zij aan de Vrije Universiteit op het proefschrift 'De bijzondere rechtspositie van de militair'.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
Nataschja Hummel
Nataschja Hummel

Bijzonder onderwerp. Wat heeft u met militairen?
Tot 2012 was ik zelf militair. Na mijn vwo heb ik de opleiding gevolgd tot officier van de Elektrotechnische Dienst bij de marine. Daarna heb verschillende functies vervuld, onder meer aan boord van Hr. Ms. Jacob van Heemskerck. Pas toen ik in deeltijd rechten ging studeren, realiseerde ik me dat ik militair ambtenaar was. In dit onderzoek kon ik mijn militaire achtergrond en mijn interesse in het arbeidsrecht, die tijdens mijn studie was aangewakkerd, verenigen.

Wat maakt de rechtspositie van militairen zo bijzonder?
Van de militair worden offers gevraagd, niet alleen op het strijdtoneel, maar ook in arbeidsrechtelijke zin. Het individuele belang van de militair moet in veel gevallen wijken voor het belang van zijn werkgever: de Staat der Nederlanden. Op de krijgsmacht moet de burger kunnen rekenen – en dus ook op de militair. Daarom wordt de militair een bijzondere positie toegedicht. Denk hierbij bijvoorbeeld aan aanpassing van zijn uiterlijk, privégedrag en levensstijl; inperking van zijn uitingsvrijheid en familieleven; uitzending naar gebieden overal ter wereld; aanvaarding van overwerk en afwijkingen bij noodsituaties; en, niet in de laatste plaats, tegemoettreding van gevaar en toepassing van (dodelijk) geweld. Daartegenover staan een extra materiële zorgplicht en bijzondere erkenning van veteranen.

Was het beter geweest wanneer militairen, net als veel andere ambtenaren, ook gewoon werknemer waren geworden – met een arbeidsovereenkomst in plaats van een aanstelling?
Een ‘gewoon werknemer’ zou ik de militair niet durven te noemen. Ik denk dat het vooral praktisch was om militairen uit te zonderen van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren, die op 1 januari 2020 in werking is getreden. Toen was nog niet echt inzichtelijk wat de wetgever zich allemaal op de hals zou halen. En hoogstwaarschijnlijk was normalisering van de rechtspositie van militairen politiek ook niet haalbaar. Politieagenten zijn bijvoorbeeld uitgezonderd naar aanleiding van een motie in de Tweede Kamer. Als er alsnog voor wordt gekozen om de aanstelling van militairen om te zetten in een arbeidsovereenkomst, dan zijn er veel uitzonderingsbepalingen nodig, bijvoorbeeld met betrekking tot de dienverplichting, de organisatie van de rechtspraak, het stakingsverbod en andere beperkingen van grondrechten. Sommige uitzonderingen zijn vanuit het perspectief van het arbeidsovereenkomstenrecht onorthodox. Desondanks is mijn conclusie dat normalisering van de rechtspositie van de militair mogelijk is – en wenselijk, omdat Defensie op deze manier aansluiting behoudt bij andere werkgevers.

Wat is uw belangrijkste vondst of ontdekking geweest, waar u niet op had gerekend?
Dat is vooral de omvang van de bijzondere positie. Een bijzondere positie krijgt betekenis als deze wordt vergeleken met de ‘norm’, in dit geval de positie van andere ambtenaren en werknemers. Pas bij het maken van deze vergelijking werd mij duidelijk hoe omvangrijk de bijzonder de positie van de militair eigenlijk is.

Het is een erg dik proefschrift geworden. Heeft u alles behandeld of zijn er nog losse eindjes?
Er zijn zeker nog losse eindjes. Een daarvan is de rechtspositie van de reservist. De rechtspositie van de reservist sluit aan bij die van de beroepsmilitair, maar in bepaalde gevallen, bijvoorbeeld bij loondoorbetaling bij schorsing, kan dat niet onverkort. Feitelijk heeft de reservist een slechtere positie dan de oproepkracht in het arbeidsrecht. Ik vind dat wrang, zeker omdat bij Defensie wordt ingezet op een grotere rol van reservisten binnen de organisatie.

 Als u het voor het zeggen had…
… dan was de rechtspositie van ambtenaren niet genormaliseerd, met titel 7.10 BW als ‘norm’, maar waren de rechtsposities van ambtenaren en werknemers geharmoniseerd. Het beste van twee werelden dus. Op bepaalde onderdelen had(/heeft) het (militair) ambtenarenrecht zeker zijn charme. Het is jammer dat daar afscheid van is genomen. Maar nu de ‘big bang’ eenmaal een feit is, denk ik dat het goed is als militairen hun burgercollega’s volgen naar het arbeidsovereenkomstenrecht.

Wat is niet over u bekend, dat wel interessant is?
Mijn studie aan het Koninklijk Instituut voor de Marine heb ik afgerond met een onderzoek op het terrein van de verwondingsballistiek. Wekenlang maakte ik mijn eigen munitie en schoot ik kleine kogeltjes af in grote blokken zeep. De resultaten verwerkte ik vervolgens in een simulatieprogramma. De techniek heb ik jaren geleden achter mij gelaten, maar deze achtergrond klinkt zeker nog door in de wijze waarop ik het recht benader.

Welk boek las u het laatst?
Meghan & Harry. Op zoek naar vrijheid… mijn guilty pleasure.

Zijn speelfilms over de marine bij u favoriet?
Nee, eigenlijk niet. Ik kijk vooral series op Netflix, waaronder veel kookprogramma’s, hoewel ik er zelf weinig van bak in de keuken.

Wat staat er bovenaan op uw bucketlist?
Een vakantie met mijn gezin. Afgelopen zomer is deze er bij ingeschoten vanwege de coronacrisis, maar net als vele anderen hoop ik dat we snel weer op pad kunnen.

Met welke beroemdheid zou u in een schuttersputje willen zitten?
Onder deze omstandigheden zou ik er de voorkeur aan geven om iemand naast me te hebben voor wie ik door het vuur wil gaan. Maar als ik toch een beroemdheid moet kiezen, dan Bruce Willis. Die heeft in meerdere films laten zien bijzonder gekwalificeerd te zijn.

Benieuwd naar de studententijd van Nataschja Hummel? Kijk dan hier.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten.

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top