“Het is nog wachten op de definitieve tekst van het wetsvoorstel,” aldus Bert Fibbe, lid van de algemene raad van de NOvA. “Maar het ziet ernaar uit dat er een voorafgaande rechterlijke toets komt bij het afluisteren van advocaten. Wij hebben hier van meet af aan voor gestreden, het is winst voor iedereen.”
De NOvA heeft de ministeries van Binnenlandse Zaken en Defensie de afgelopen jaren voortdurend gewezen op het grote belang van geheimhouding van de communicatie tussen advocaten en hun cliënten. Gesprekken tussen een advocaat en zijn cliënt zijn vertrouwelijk. Slechts in bijzondere gevallen mag daarop inbreuk worden gemaakt. In de huidige wet was niets geregeld over de bijzondere positie van advocaten. Na een kort geding, aanhangig gemaakt door afgeluisterde advocaten van het Amsterdamse advocatenkantoor Prakken d’Oliveira en de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten, besloot het gerechtshof Den Haag in hoger beroep dat de AIVD en de MIVD geen telefoongesprekken mogen afluisteren waaraan een advocaat deelneemt. Dit tappen mag alleen indien onafhankelijk toezicht wordt uitgeoefend, maar dit toezicht ontbrak. Het huidige wetsvoorstel voorziet in onafhankelijke toetsing.
Ook komt er een aparte instantie die gaat toetsen of bijzondere bevoegdheden mogen worden ingezet door veiligheidsdiensten. De toetsende rol wordt losgetrokken van de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD). De ongewenste dubbelrol, waar de NOvA eerder bezwaar tegen maakte, is daarmee van de baan.