Ondernemingsrecht

Corporate mobility in Europa

Vrijheid van vestiging is een belangrijke pijler van het streven om binnen de Europese Unie tot een Gemeenschappelijke Markt te komen. Verhuizing van een kapitaalvennootschap (NV/BV) naar een andere lidstaat zonder ontbinding – dus onder algemene titel en met behoud van rechtspersoonlijkheid – is echter geen sinecure. Het gebruik van een SE (Societas Europaea) of de grensoverschrijdende fusie (art. 2:333b e.v. BW) is al gauw een complexe, tijdrovende en dus kostbare zaak. De voor het MKB meest aantrekkelijke verhuizingsvariant, omzetting in een rechtspersoon naar het land van aankomst, is echter niet geregeld en geeft dus rechtsonzekerheid.

Al eerder schreef ik in deze rubriek over grensoverschrijdende omzetting van rechtspersonen (Polbud: naar vrij ondernemingsverkeer binnen Europa!). Het Europese Hof van Justitie schaart deze verhuizingsvariant onder de vrijheid van vestiging. Vertrekland noch aankomstland kan daarom een barrière opwerpen tegen (de)registratie van zo’n verhuizing, tenzij om dringende redenen van openbaar belang en mits doelmatig en proportioneel vormgegeven. Om aan de rechtsonzekerheid die het gevolg is van deze ongeregelde toestand een eind te maken, publiceerde de Europese Commissie onlangs een voorstel tot aanpassing van de samengevoegde Richtlijn Vennootschapsrecht (EU 2017/1132, te wijzigen door COM(2018) 241 final). Hierna spreek ik van de ‘Mobiliteitsrichtlijn’.

Opvallend is dat de Mobiliteitsrichtlijn een in de tijd gefaseerde anti-misbruikcontrole door de bevoegde instantie van het vertrekland voorschrijft ter verkrijging van een pre-conversie attest, zonder welke de omzetting niet kan plaatsvinden (art. 86 quater, in de Engelse versie artikel 86c). Een door die instantie benoemde, onafhankelijke expert dient vervolgens een diepgaand onderzoek terzake uit te voeren (artikel 86 octies). Voorts maakt het bestuur van de te verhuizen vennootschap zowel voor de aandeelhouders als de werknemers een rapport op waarin de gevolgen van de verhuizing worden geschetst (artikel 86 septies). Aandeelhouders die tegen de verhuizing stemden krijgen een uitstaprecht, met cash compensatie, tegenover de vennootschap (artikel 86 undecies).

De Commissie stelt voor om de grensoverschrijdende fusie en de grensoverschrijdende juridische splitsing eveneens op de hiervoor geschetste wijze vorm te geven, zij het zonder anti-misbruikcontrole bij fusie. Voorwaar een ambitieus voorstel. Mocht slechts het uitstaprecht van minderheidsaandeelhouders bij grensoverschrijdende fusie, zoals bij ons geregeld in art. 2:333h BW, in de hele EU op niet te lange termijn worden ingevoerd, dan zou dat zou al een heel gewin zijn!

Wilt u geen belangrijk juridisch nieuws meer missen?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over de auteur

Steef Bartman

Steef Bartman

Steef Bartman is advocaat bij Bartman Company Law, hoogleraar ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden en hoofdredacteur van het tijdschrift European Company Law

Recente vacatures

Recente vacatures