Tineke van de Grampel over puzzels, topsport en trollenfabrieken

Mr. van de week is Tineke van de Grampel, afzwaaiend senior rechter bij de rechtbank Rotterdam. Op 3 september beleefde Van de Grampel aldaar haar afscheidszitting, na bijna vier decennia als rechter werkzaam te zijn geweest.

Delen:

Tineke van de Grampel over puzzels, topsport en trollenfabrieken - Mr. Online

Het moet vast een onwennig gevoel geven om na zo’n lange tijd afscheid te nemen als rechter. Hoe hebt u uw afscheidszitting ervaren en hoe blikt u terug op uw carrière bij de Rechtspraak?
“Ik heb een ongekend mooi afscheid van de rechtbank gekregen. In het bijzijn van mijn familie, vrienden en heel veel collega’s werd ik zo warm toegesproken dat ik er helemaal stil van werd. Het gaf mij een gevoel van intense verbondenheid met deze mooie rechtbank. Het was voor mij toch al een emotionele rollercoaster, omdat we nog maar net een paar dagen daarvoor afscheid hebben moeten nemen van een hele dierbare collega en vriendin, Sonja (de Pauw Gerlings-)Döhrn. We hebben lang samengewerkt en zij was als mens en als rechter een groot voorbeeld voor mij. Ik ga iedereen enorm missen.
Strafrecht is topsport, dat zullen de meeste strafadvocaten en officieren van justitie kunnen beamen. Het zal dus echt nog wel even duren voordat ik mij kan bedwingen niet bij ieder nieuwsbericht over een strafzaak mij af te vragen welk pittig dossier daar onder ligt en op wiens bord dat terechtgekomen is.
Ik heb gelukkig nog mogen profiteren van de oude opleiding tot rechter, waarbij ik twee jaar door de rechtbank, twee jaar door het OM en twee jaar door de advocatuur ben opgeleid. Ik vind het nog steeds eeuwig zonde dat die opleiding in die vorm niet meer bestaat. Ik ben altijd een groot fan van ingewikkelde puzzels geweest, maar uiteindelijk kom ik het beste tot mijn recht in een rechtsgebied waar het contact met mensen centraal staat. Mensen zijn uiteindelijk toch de meest complexe puzzels.
Bij de rechtbank Rotterdam heb ik altijd heel veel vrijheid gevoeld. Geen keurslijf, geen dwingende aanwijzingen, maar juist ruimte om initiatief te kunnen ontplooien. Ook nu weer loopt Rotterdam voorop in de aanpak van huiselijk geweld. Al jaren geleden vroeg Monique Marseille hiervoor al aandacht en mijn collega Henriette Kernkamp heeft dit toen verder uitgebouwd. Die aanpak hebben wij daarna samen vanuit het strafrecht kunnen voortzetten. In Greetje Bos is al een uitstekende opvolger gevonden! De aanpak blijft zich steeds ontwikkelen. We investeren veel in opleiding van rechters en secretarissen. Wij prijzen ons ook gelukkig met Berte van Heemst, die als enige officier justitie in Nederland door haar parket fulltime voor deze aanpak is vrijgemaakt. Dat is onmisbaar. En ja, graag zouden wij hierin nog veel nauwer samen willen werken met de advocatuur!”

Het grote publiek kan u kennen van de zaak-Weski, of wellicht van de geruchtmakende zaak tegen Gerson F. Wat doet grote publieke belangstelling voor zulke zaken met een rechter?
“Dat verschilt per persoon; ik heb daar zelf eerlijk gezegd niet zo last van. Ik zie het wel als een kans om ook aan de mensen die niet in de rechtszaal zitten te laten zien wat er aan de hand is. Dat vraagt dan wel dat de zaak zo goed en objectief mogelijk in de media verslagen wordt en dat er op zoveel verschillende manieren geprobeerd wordt om dat publiek te bereiken. Niet alleen via de papieren krant of een online artikel, maar ook door live-tweets en podcasts. Een goed verslag van de strafzaak is op zich al een hele uitdaging, zeker als trollenfabrieken er met de boodschap vandoor gaan of er alleen in de reacties wordt gemikt op zoveel mogelijk likes bij de achterban.”

Terugkijkend op uw carrière: zijn er zaken geweest waarvan u wakker hebt gelegen, of waarvan u zich achteraf hebt afgevraagd of u dingen anders had moeten aanpakken?
“Ik slaap erg kort, maar diep en van wakker liggen heb ik niet veel last.
Mijn meest droevige (en kortste) optreden was ooit bij een vrouwelijke verdachte waarvan ik al had gelezen dat zij niet graag over de verweten feiten wilde spreken. Het vragen naar haar naam leverde mij al een boze blik op. Om het ijs te breken besloot ik – naar ik dacht – met iets positiefs te beginnen. Maar toen ik zei dat zij de trotse moeder van een prachtige zoon was, stond zij onmiddellijk op, schreeuwde mij toe ‘jíj mag mijn zoon niet noemen’ en beende de zaal uit, iedereen in verbijstering achterlatend. Ook de advocaat die haar achterna was gesneld lukte het daarna niet meer om haar te bewegen weer naar binnen te komen. We hebben de zaak na overleg zonder haar moeten afdoen. Ik had onbedoeld haar meest kwetsbare plek aangeraakt, fouter kon het dus niet. Ik heb dat nooit vergeten.”

In vier decennia heeft u waarschijnlijk het nodige zien veranderen in de rechtszaal. Welke verandering of trend is u het meest opgevallen en waarom? 
“Eigenlijk is er in de rechtszaal eigenlijk niet eens zoveel veranderd.
Wat ik als een heel zorgelijke ontwikkeling zie is het feit dat aard en de ernst van de feiten waarvoor minderjarigen terechtstaan aanzienlijk zwaarder is geworden. Was een straatroof vroeger zo’n beetje de top, nu worden 13-,14-,15-jarigen, via Snapchat of Telegram ingezet om cobra’s te laten ontploffen, AK40’s leeg te schieten op een pand of als soldaatje of als baasje van een ploeg allerhande werkzaamheden voor hele foute types uit te voeren.
Koppel die ontwikkeling dan ook nog aan het ontbreken van voldoende behandel- en opvangmogelijkheden voor en na het gebeuren (wachtlijsten!) en de dringende noodzaak is daar om er nu echt wat aan te doen.”

U hebt in het verleden weleens gezegd dat rechters hun vonnissen beter zouden moeten uitleggen. Gaat dat inmiddels al beter, vindt u?
“Ja, dat vind ik wel. Er is veel aandacht voor, maar het is niet makkelijk. Een korte en duidelijke tekst schrijft is moeilijker dan het gebruik van de klassieke juridische termen. En tijd blijft schaars!”

Op één van uw uitspraken – die tegen Gerson F. – werd vanuit politiek Nederland kritisch gereageerd wegens uw besluit om het jeugdstrafrecht toe te passen. U verdedigde uw beslissing toen publiekelijk. Zou u dat laatste, erop terugkijkend, vandaag de dag weer doen?
“Van rechters mag je verwachten dat zij op de individuele casus beslissen en die beslissing in klare taal neerschrijven, zodat iedereen het kan lezen. Van politici mag je verwachten dat zij zich richten op het algemene beleid, een vonnis dan ook echt lezen en niet ongefundeerd roeptoeteren. Ik was ook blij dat met name de pers de betreffende politicus nog eens op de inhoud van het vonnis wees.”

U hebt zich de afgelopen jaren ook nadrukkelijk ingezet voor de strijd tegen huiselijk geweld. Wat hebt u op dat vlak als strafrechter gezien wat de gemiddelde Nederlander wellicht niet ziet?
“Ik denk dat men inmiddels meer van de aard en omvang van huiselijk geweld op de hoogte aan het raken is, maar het fenomeen intieme terreur en de redenen voor de ambivalentie bij slachtoffers van huiselijk geweld om aangifte te doen en door te zetten mag nog veel meer aandacht krijgen. Daar is nog een wereld te winnen.”

Wat vindt u het mooiste aspect van het rechtersvak? En wat het moeilijkste?
“Ik vind het een groot voorrecht om te proberen om de persoon die voor mij zit het gevoel te geven dat er oprecht naar hem of haar geluisterd is. En dat dan is meteen ook het moeilijkste.”

Wie of wat is in uw juridische carrière uw bron van inspiratie? 
“Ieder gesprek met de mensen die hun problemen al dan niet vrijwillig aan mij hebben voorgelegd om op te beslissen. Daarom gaat het.”

Met welke historische figuur zou u graag eens in gesprek gaan? 
“Ik zou nog wel eens een hartig woordje willen spreken met Jean Jacques Rousseau, die in zijn boek Emile enerzijds pleitte voor het belang van een vrije en veilige jeugd voor kinderen, maar anderzijds ook verkondigde dat meisjes heel anders moeten worden opgevoed dan jongens. Zij moeten wél worden gestraft en moeten leren gehoorzamen aan de man en vooral geen intellectuele stimulering krijgen. Ik zou hem willen vragen waar hij eigenlijk zo bang voor is…”

Als u het voor het zeggen had, dan…?
“… zou iedere gedachte aan het invoeren van minimumstraffen direct van tafel gaan!”

Delen:

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Scroll naar boven