Herziene richtlijn biedt arts betere rechtspositie

Onlangs is de KNMG-richtlijn ‘Omgaan met medische gegevens’ herzien. Daardoor is de rechtspositie van de arts die zich in een klacht-, tucht- of civiele zaak moet verweren verbeterd.

Delen:

foto: Depositphotos

Een arts kan in (gerechtelijke)procedures medische gegevens nodig hebben om zich te kunnen verdedigen. Dit kan gaan om klachtzaken, tuchtzaken of civiele zaken. Voor de (proces)praktijk is het interessant om aandacht te besteden aan paragraaf 5.7.1 van de in november 2022 herziene KNMG-richtlijn Omgaan met medische gegevens (getiteld ‘De arts als verweerder in klacht- en tuchtzaken en civiele rechtszaken’).
In de oude richtlijn was opgenomen dat wanneer een klacht aan een klachtencommissie wordt voorgelegd, de arts in het kader van zijn verweer expliciete toestemming van de patiënt nodig had voor het gebruik van zijn medische gegevens. Als een patiënt een klacht indiende bij de medische tuchtrechter, dan mocht de arts volgens de oude richtlijn op grond van vooronderstelde toestemming relevante medische gegevens van een patiënt gebruiken voor zijn verweer. Voor het verweer in civiele zaken moest volgens de oude richtlijn eerst toestemming aan de patiënt worden gevraagd. In vervolg op een uitspraak van het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg van 13 april 2022 (ECLI:NL:TGZCTG:2022:87) is de nieuwe richtlijn op dit punt herzien.
Op grond van het ‘recht op een eerlijk proces’ zoals neergelegd in artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM), vindt de arts de rechtvaardiging om in een juridische procedure zijn medisch beroepsgeheim te doorbreken en verweer tegen een klacht of claim te kunnen voeren. Dit betekent voor de praktijk dat een arts die zich wil verweren tegen een klacht die op grond van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) is ingediend, voor het voeren van verweer op grond van de herziene richtlijn geen voorafgaande toestemming van de patiënt meer nodig heeft. Alhoewel in de nieuwe richtlijn niet expliciet benoemd, mag aan de hand van de toelichting worden aangenomen dat dit ook geldt voor het voeren van verweer in een civiele procedure. Voor verweer in een medische tuchtzaak was al geen toestemming vereist en verandert er in dat opzicht niets.
De inzage in en het gebruik van medisch gegevens voor het verweer moeten wel voldoen aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit. Dit laat onverlet dat de patiënt beperkingen kan stellen aan het gebruik van gegevens uit diens dossier door bijvoorbeeld betrokken artsen, klachtenfunctionarissen en (leden/secretaris van een) klachtencommissie. Het is dan aan de klachtencommissie, geschilleninstantie of (tucht)rechter om te beoordelen of de wel beschikbare gegevens voldoende basis bieden om te komen tot een inhoudelijke beoordeling over de klacht of de vordering. De herziene richtlijn biedt aangesproken artsen al met al (veel) meer ruimte om zich adequaat tegen een klacht of claim te kunnen verweren. 

Delen:

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Scroll naar boven