Opzegging distributieovereenkomst vanwege prijsdumping in strijd met kartelverbod

De rechtbank Amsterdam heeft onlangs in kort geding bevestigd dat een distributieovereenkomst in een selectief distributiestelsel niet kan worden opgezegd wegens prijsdumping.

Delen:

Aanleiding voor het kort geding (ECLI:NL:RBAMS:2020:6973) was de opzegging van een dealerovereenkomst door fietsenfabrikant Trek.  Reden: door een Nederlandse dealer zou in strijd met de algemene voorwaarden zijn gehandeld. Volgens deze voorwaarden moet een dealer een fiets geassembleerd en fysiek aan een klant leveren, ook als de fiets via internet wordt verkocht. Trek had van een Finse fietsendealer een klacht ontvangen dat de Nederlandse dealer een fiets in ongeassembleerde staat had afgeleverd. De klant had de fiets zelf opgebouwd, waarna er problemen met de remmen waren ontstaan waarmee de klant naar de Finse fietsendealer was gestapt. Ook had Trek geconstateerd dat de Nederlandse dealer aan prijsdumping had gedaan door hoge kortingen op de adviesprijs te verlenen. Trek had daarom de dealerovereenkomst beëindigd. De Nederlandse dealer is hiertegen een kort geding gestart onder meer met een beroep op het kartelverbod (artikel 6 Mw en artikel 101 VWEU).

De voorzieningenrechter komt na een uitzetting over het mededingingsrecht en selectieve distributie tot het oordeel dat de druk die Trek uitoefent op dealers om een bepaald prijsniveau te handhaven is verboden. Het verweer van Trek dat prijsbinding een rechtvaardiging kan zijn om een bepaald serviceniveau en daarmee een bepaald merkimago te handhaven is op zich voorstelbaar, maar Trek heeft onvoldoende toegelicht waarom dat in dit specifieke geval nodig zou zijn. Als Trek haar dealers aan de adviesprijzen wil houden dan is dit een hardcore beperking in de zin van de Groepsvrijstelling Verticalen die dergelijke afspraken nietig maakt. Trek heeft niet gesteld of aangetoond dat aan de uitzonderingsvoorwaarden van artikel 6 lid 3 Mw is voldaan.

De door Trek genoemde redenen voor de eis dat dealers de fietsen persoonlijk, in een fysieke winkel en geassembleerd aan een klant dienen te overhandigen kunnen volgens de voorzieningenrechter passen in een stelsel van selectieve distributie dat wordt gerechtvaardigd door de door Trek gewenste kwaliteitseisen. Ook het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft in Copad/Dior (EU:C:2009:260) het ontbreken van dergelijke vereisten van presentatie en verkoopservice als mogelijke afbreuk aan de kwaliteit aangemerkt.

De eis dat de fiets geassembleerd en fysiek aan de klant moet worden overhandigd vormt volgens de voorzieningenrechter weliswaar een beperking van de actieve of passieve verkoop van Trek-fietsen, maar dit wordt gerechtvaardigd door het segment dat Trek belevert en het luxe merkimago dat Trek beoogt te handhaven. De duurste Trek-fietsen zijn van lichtgewicht en teer materiaal gemaakt en de nieuwste technologie van Trek vraagt om een nauwkeurige montage en afstelling. Het is aannemelijk dat een bodemrechter deze beperking zal toestaan. De voorzieningenrechter trekt hierbij een parallel met het Coty-arrest (EU:C:2017:941) van het Hof van Justitie. Toch komt de voorzieningenrechter tot het oordeel dat Trek de dealerovereenkomst moet nakomen omdat de verticale prijsbinding in elk geval in strijd is met het mededingingsrecht.

Meer weten over deze organisatie(s)?

Delen:

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Meest gelezen berichten

Van onze kennispartners

Juridische vacatures

Scroll naar boven