Pech voor Michiel van Kleef?

Delen:

Rechtspraak en social media zijn een geliefd thema voor seminars en presentaties. Kort geleden was ik bij een presentatie bij PBLQ HEC in Den Haag, die rechtspraak en sociale media als titel had. Prof. Corien Prins (WRR) presenteerde een onderzoek naar Social Media en ICT bij de rechtspraak. Het onderzoek zelf was mee uitgevoerd door Jesse van der Mijl. Wat bleek? De geinterviewde rechters waren voorstander van transparantie. Transparantie kan doorzichtigheid, begrijpelijkheid en bekritiseerbaarheid betekenen. Uit de antwoorden op andere vragen viel af te leiden dat de rechters geen duidelijk beeld hebben van hun publiek, en van de bij het publiek wellicht levende behoefte aan transparantie.

De discussie met de zaal ging al snel over de zaak-Wilders. Dat was weliswaar televisie, maar zodra het over de rechtspraak en de buitenwereld gaat moet het kennelijk altijd eerst even over die zaak gaan. Dat is ook niet zo gek, want iedereen heeft er wel iets van gezien en kan er dus over meepraten. Gelukkig ging het daarna ook nog over sociale media, en dat was een hele zinvolle gedachtenwisseling.

Even een sprong over de Atlantische Oceaan: in de VS speelt de kwestie van de sociale media en de rechtspraak al langer, en het is dus leerzaam om er kennis van te nemen. Er wordt daar gedebatteerd over drie grote onderwerpen: (1) twitterende en facebookende juryleden, (2) gebruik van sociale media door gerechten, en (3) meer recent ook over bloggende, facebookende en twitterende rechters. Over onderwerp 1, de juryleden, heb ik het twee blogs geleden al gehad. Het is zaak die onderwerpen goed uit elkaar te houden. Corien Prins had het vooral over onderwerp 2. Terwijl ik dit schrijf komt er een tweet langs van @iRechter (bedankt @iRechter!) met een link naar het verslag van een discussie in de Dag voor de Rechtspraak op 27 september. Die ging over de vraag wat de Rechtspraak kan met sociale media, dat is dus ook onderwerp 2. In dat verband zei prof. Henri Beunders: “de rechter moet niet gaan twitteren”. Dat lijkt op een uitspraak over onderwerp 3, maar de welwillende lezer kan ook denken dat het gaat over De Rechter, waarmee we onderwerp 2 te pakken hebben, en niet over de rechter zoals iRechter of mijzelf.

Dit is een mooie opstap naar een kleine beschouwing over onderwerp 3: rechters die actief zijn in sociale media. Ik kreeg een retweet uit Engeland over nieuwe regels die de Senior Presiding Judge en de Senior President of Tribunals in augustus 2012 hebben uitgevaardigd. Bloggen is niet verboden, maar de nieuwe regels komen er kort gezegd op neer dat rechters die bloggen er niet bij mogen vermelden dat ze rechter zijn. Anoniem bloggen mag evenmin. Op overtreding staan disciplinaire sancties. Echt, het staat er. Lees hier maar na. “Judicial office holders who blog must not identify themselves as members of the judiciary”. En dat niet alleen: [they] “should remove any existing content which conflicts with” [this guidance].

Begin dit jaar hebben we bij mijn rechtbank een hele aardige discussie gehad over de vraag, hoe rechters actief kunnen zijn in de openbaarheid. De conclusie was dat de huidige regels over integriteit en onpartijdigheid voldoende houvast geven voor rechters die als rechter deelnemen aan het openbare debat.
Met de nieuwe regels is aan de overkant van de Noordzee de verwarring groot. Bloggende rechters die zich aan die regels willen houden kunnen op hun blog niet reageren. Het Magistrates blog vraagt zich af waarom de guidance zonder overleg of aankondiging is afgegeven, waarom er zo’n haast bij was en hoe het verbod zich verhoudt tot de toespraak van de Senior Presiding Judge van vorig jaar over vrije meningsuiting en de taak van de rechtspraak om het openbare debat te voeden.
Michiel van Kleef, de hoofdredacteur van Mr., wilde destijds graag een paar rechters voor het mr-online blog. Mijn medeblogger Gerritjan van Oven is er een tijd geleden mee gestopt. Ik blog sindsdien elke maand over onderwerpen waarvan ik denk dat ze interessant zijn omdat ze iets toevoegen aan wat mensen kunnen weten over de rechter, op een manier die (in de woorden van de gedragscode rechtspraak) geen afbreuk doet aan het beeld van onpartijdigheid en onafhankelijkheid van de rechtspraak.

Stel je voor dat ik daar niet meer bij zou mogen vermelden dat ik rechter ben. Dan krijg je het volgende cv: Dory Reiling is ** in  Amsterdam. Ze was informatiemanager van de ** en senior **** reform expert bij de Wereldbank. Ze promoveerde in december 2009 op “Technology for ***”, een dissertatie over informatietechnologie en **hervorming. Folkert Jensma zei in de Dag voor de Rechtspraak gelukkig dat hij regelmatig tweets van rechters over hun werk leest, en dat er allerlei varianten zijn die prima kunnen werken. Michiel van Kleef hoeft niet bang te zijn.

Delen:

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Scroll naar boven