Toekomstbestendig tuchtrecht vergt de nodige hersengymnastiek

De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Ernst Kuipers, heeft eind april het rapport ‘Toekomstbestendig Tuchtrecht’ aan de Tweede Kamer aangeboden. In het rapport komt de lerende werking van het tuchtrecht aan de orde.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
(foto: Depositphotos-Igor Vetushko)

Het rapport is opgesteld door de stuurgroep Toekomstbestendigheid Wet BIG. In de stuurgroep is besproken dat het goed zou zijn als het tuchtrecht meer gericht zou zijn op het leren en verbeteren door zorgverleners. Dit zou aanvullend moeten zijn op het corrigerende effect van het tuchtrecht, dat ook nodig is.
De stuurgroep heeft een aantal aanbevelingen gedaan, die door minister Kuipers worden ondersteund, zo liet hij de begeleidende brief aan de Tweede Kamer weten. Hierbij kunnen worden genoemd het toegankelijker maken van de jurisprudentie zodat het lerende effect daarvan kan worden vergroot, het begeleiden van zorgverleners bij een tuchtprocedure en het meer benutten van de tuchtklachtfunctionaris voorafgaand aan een procedure. Hierbij merkt de minister op dat het ook van belang is dat mogelijkheden worden ontwikkeld om de nadelen van de juridische procedure op tegenspraak weg te nemen, om te komen tot een meer lerende werking voor partijen van hetgeen in de behandeling en communicatie als toereikend is ervaren.
Verder wordt onderzocht op welke wijze het tuchtrecht beter kan worden ingezet wanneer sprake is van team- en netwerkverantwoordelijkheden, nu het thans vigerende tuchtrecht uitgaat van de persoonlijke verwijtbaarheid en is gericht op de individuele zorgverlener. Ook wordt gekeken of en zo ja, op welke wijze de Inspectie voor de Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) in complexe zaken een grotere rol kan spelen bij de verwezenlijking van de doelstelling van het tuchtrecht, te weten het  bewaken en bevorderen van de kwaliteit van zorg. Zo zou de IGJ (alsook sommige beroepsorganisaties) de mogelijkheid moeten krijgen om een principiële vraag aan de tuchtrechter voor te leggen, zonder dat dit hoeft te gebeuren in een tegen een specifieke zorgverlener gerichte klacht. Bij de opvolging van deze aanbeveling wordt naar de mening van de minister een goede impuls gegeven aan de kwaliteit van het tuchtrecht, waarbij beter recht wordt gedaan aan klagers en beklaagden wanneer behandeling heeft plaatsgevonden in een setting waarin meerdere zorgverleners betrokken waren. De minister heeft de Tweede Kamer laten weten met veel energie met het rapport aan de slag te gaan.

Het zal veel hersengymnastiek, creativiteit en doorzettingsvermogen vragen om een balans te vinden tussen enerzijds kwaliteitsbewaking met de mogelijkheid sancties op te leggen en anderzijds het lerend effect van het tuchtrecht te bevorderen.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top