Komkommertijd, Kei en Korosec

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Terwijl het hard zomert, elke maand weerrecords sneuvelen en de schokkende nieuwsitems over elkaar heen buitelen – niks komkommertijd – gebeurt er ook in het bestuursrecht het nodige.

Allereerst: het digitaal procederen bij de rechtspraak kan van start. Althans, de wetgever heeft zijn zaakjes voor elkaar. Op 21 juli 2016 stonden de KEI-wetsvoorstellen over vereenvoudiging en digitalisering van het burgerlijk- en bestuursprocesrecht in het Staatsblad (Stb. 2016-288 t/m 294). De wijzigingen zien zowel op de procedure bij de rechtbank (288) als in hoger beroep en cassatie (289). De invoering wordt in een aparte wet geregeld (290). Uitwerking vindt plaats in het Besluit digitalisering (AMvB, nr. 292). De tijdlijn op rechtspraak.nl geeft aan dat op 1 februari 2017 in asiel- en bewaringszaken de knop geheel op digitaal gaat; per dezelfde datum start de pilot in civiele vorderingsprocedures met verplichte procesvertegenwoordiging. Daarna volgen bewind & toezicht, schuldsanering en de rest van het bestuursrecht. Als laatste sluiten aan het hoger beroep en cassatie, vorderingen zonder verplichte procesvertegenwoordiging, de verzoekschriftenprocedure en het kort geding. Medio 2019 is het digitaal procederen in alle soorten zaken verplicht voor professionals. Alleen burgers zonder professionele rechtshulpverlener mogen dan nog op papier procederen. Dan nog er voor zorgen dat de kwaliteit van de rechtsbescherming verbetert; digitalisering is immers geen doel op zich.

Verder maakt men zich zorgen om de gevolgen voor het Nederlandse bestuursrecht van de uitspraak van het EHRM van 8 oktober 2015 in de zaak Korosec tegen Slovenië, waarin het hof concludeert tot een schending van artikel 6 EVRM vanwege strijd met het beginsel van de equality of arms. De Sloveense rechters zijn volgens het EHRM de fout ingegaan door niet zelf een onafhankelijk deskundige in te schakelen op uitdrukkelijk verzoek van Korosec. Dat Korosec tot twee maal toe was onderzocht door medisch deskundigen van het betreffende bestuursorgaan was voor het Hof onvoldoende. De vraag is nu wat dit arrest betekent voor de positie van soortgelijke deskundigen in dienst van bijvoorbeeld gemeenten, SVB, UWV en het buro medisch adviseur van de IND en voor de – terughoudende – wijze waarop de bestuursrechter omgaat met  het inschakelen van deskundigen. Het arrest is besproken door Barkhuysen en Van Emmerik in AB 2016/167, door Faas in RSV 2016/26 en meer uitgebreid door uw snelrechtcolomnist in O&A 2016/29.

Lees meer over:

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top